Persverklaring
Armeniërs herdenken journalist Hrant Dink
[Foto's meesturen: Deetman 2006, Deetman 2007, met portret; plein met zonnestraal)
Een jaar geleden, op 19 januari 2007, werd in Istanbul de Armeens-Turkse journalist Hrant Dink doodgeschoten. Op
veel plaatsen in de wereld zal hij op 19 januari worden herdacht, en ook in Nederland. Dink was een moedig man,
die zich onverschrokken voor zijn zaak heeft ingezet en daarvoor met zijn leven moest betalen.
De Federatie van Armeense Organisaties in Nederland (FAON) roept naar aanleiding van deze trieste aanleiding opnieuw
de verantwoordelijken in regering en parlement op, de consequenties te trekken van de erkenning van de Armeense
genocide (bij de motie-Rouvoet van december 2004) door 1. de strafbaarstelling van de ontkenning van genocides
ter hand te nemen, omdat deze de slachtoffers van hun waarden berooft en 2. het thema volkerenmoord in de
curricula van Nederlandse scholen op te nemen.
Hrant Dink was uitgever van het tweetalige (Turks en Armeens) Weekblad "Agos".
In vele landen werd hij onderscheiden voor zijn werk. Op november 2006 kreeg hij in Den Haag uit handen van burgemeester
Deetman de Oxfam Novib Pen Award, hetgeen in Den Haag in november al werd herdacht. In Duitsland kreeg Dink de
gerenomeerde Henri-Nannen prijs voor zijn verdiensten voor de persvrijheid.
Hrant Dink werd slachtoffer van het klimaat in Turkije waarin de bereidheid bestaat om geweld te gebruiken, een
klimaat dat is ontstaan door de militante ontkenning van de genocide van 1915 door de opeenvolgende Turkse regeringen.
Zijn dood is tot op de dag van vandaag niet helemaal opgehelderd, evenmin als de latere moord op een aantal christenen.
De Turkse weigering om de eigen geschiedenis te erkennen, de donkere bladzijden van de eigen geschiedenis onder
ogen te zien en te verwerken, leidt tot geweld en agressie, die tot op heden, ruim negentig jaar na de genocide
op de Armeniërs, nog steeds slachtoffers eist. Hoewel Hrant Dink de Armeense genocide binnen de Turkse samenleving
op een, ook voor Turken, respectvolle wijze ter sprake bracht, heeft hij deze dappere invulling van de elementaire
vrijheid van meningsuiting en persvrijheid met de dood moeten bekopen. Ook na diens dood zijn deze basale mensenrechten
in Turkije in het geding.
De FAON doet in deze context met name een appel op de verantwoordelijke politici van de Europese Unie om in het
kader van de toetredingsonderhandelingen te bereiken dat artikel 301 (belediging van het Turkendom) volledig wordt
geschrapt, aangezien de bepaling ervan een eclatante tegenspraak is met de Europese normen.
In de nagedachtenis van Hrant Dink worden zaterdag bij het monument voor de Armeense genocide in Assen bloemen
gelegd.
Federatie van Armeense Organisaties in Nederland
Den Haag, 16.01.2008